Hendrik Marsman - Tempel en Kruis
In de rubriek Op het eerste gedicht vertellen poëzieliefhebbers over het allereerste gedicht dat bij hen 'het heilige poëzievuur' heeft aangewakkerd.
Aflevering 10: redacteur en criticus Bertram Mourits.
Het heeft lang geduurd voordat ik serieus poëzie ging lezen. Ik zal me niet beklagen over mijn leraar Nederlands op de middelbare school maar poëzie was niet inbegrepen bij de liefde voor literatuur die me door hem is bijgebracht. Ik moest ervoor gaan studeren en zelfs toen wist ik lange tijd zeker dat ik me vooral op proza zou gaan concentreren.
Ergens in het tweede jaar was het, toen we van docent Kees Singeling de opdracht kregen om Tempel en Kruis van Hendrik Marsman te lezen. Niet zomaar lezen, we kregen allemaal een leidraad of een thema mee, in het geval van mijn ‘groepje’: de vier elementen. Ik weet niet meer of het de bedoeling was om die vier elementen onderling óók nog te verdelen – nee, dat zal wel niet – maar ik herinner me nog wel het gevoel van tovenarij dat me overviel toen ik dat klusje een beetje grondig ter hand nam. Ik stelde me al lezend absurde vragen. Hoort ‘sneeuw’ bij het element ‘water’? En ‘bron’? En waarom niet? Het leek wel of bepaalde regels door een mentale marker werden uitgelicht nu ik alleen maar op zoek was naar lucht water aarde vuur.
Het was donker,
hij lag op zijn bed.
hij had het raam op den haak gezet,
opdat het getij van den nacht
door de baai van zijn kamer kon gaan
en zijn dromen stijgen en dalen
op de golven der maan,
en hij dacht:
‘hoe vaster ik slaap,
des te zwaarder slaapt het heelal,
hoe dieper ik ademhaal
hoe hoger de nacht
en het lied van den nachtegaal.
kan het zijn,
dat van Genesis af
het parabolisch Verhaal,
de Ellips der Geschiedenis –
tot het vuur van de Apocalyps
de laatste beelden verbrandt,
de luchter, het boek en het lam –
niets anders is
dan het vluchtige spiegelbeeld
van mijn slaap, tussen dromen verdeeld?’
Wat er stond vond ik toen ontoegankelijk genoeg maar ik zag wel dat de vier invalshoeken me totaal andere richtingen opstuurden. Of de wereld van de droom wint (lucht), of dit gedicht gaat over het einde van de wereld (vuur), of het gaat over de eeuwige terugkeer van gebeurtenissen (water), en ‘aarde’ deed in dit gedicht wat minder mee, besloot ik. De verschillende interpretaties leken elk waterdicht, maar ze sloten elkaar óók uit. Vier betekenissen voor de prijs van een!
De richting die het college vervolgens op ging – elk groepje presenteerde zijn bevindingen en langzaam begon er een beeld te ontstaan – was teleurstellend. We kwamen uit bij een compromis, en natuurlijk bij Marsmans biografie, whatever – maar vier invalshoeken, vier betekenissen, vier bundels, dát was een ontdekking.
Tempel en kruis is de laatste bundel waarvan ik geturfd heb hoe de vier elementen waren vertegenwoordigd en het is nu makkelijk om door het didactische trucje heen te prikken – net als door Marsmans gezwollen taal trouwens. Maar dat wil ik niet. Het was een goed college. En Tempel en kruis is een prachtige bundel.
Reacties