3 gedichten van Peter Holvoet-Hanssen
Titel: Navagio
Auteur: Peter Holvoet-Hanssen
Uitgever: Prometheus
Aantal pagina's: 66
ISBN: 978 90 446 1155 7
Prijs: € 17,95
Eind februari verschijnt de vijfde poëziebundel van Peter Holvoet-Hanssen, Navagio, met 33 'wrakhoutgedichten'. Hieronder kunt u alvast 3 gedichten uit deze bundel lezen.
Navagio
ik laat het ruisen
achter mij
het razend ruisen
land en tij
voorbij de einder
en de dood
voorbij dit leven
as en schroot
een voet met buikwee
stampt in de lucht
krappe laars een
dode vrucht
een zwarte kip
op het kerkhof
de sterren vet
roet is de stof
de zee draagt onder
de kiel mijn bark
't maanzeemeisje
in de ark
wat moet zij maken
'n muizenstaart
en zes voor Spook
kat bij de haard
'laat rijmen klinken
klingend zilt
maar draag geen string
onder je kilt'
gesneeuw der meeuwen
klop geen wacht
dit narrenschip
klinkt op de nacht
zij was mijn roos
kompas en goed
en elk zijn doorn
en elk zijn boete
in de golven
't rozenlied
het zingt zichzelve
eindigt niet
bevroren zeilen
schipbreukwijn
voer voor de vis
moet meer niet zijn
geen kruis ter nok
reïncarnatie
'jij mijn strijkstok'
'jij mijn gratie'
kom mee aan boord
adagio
zink in haar schoot
Navagio
en ik het golven
't rozenlied
het zingt zichzelf en
eindigt niet
Khartoem de hond (sing along)
het groene merg drupt uit de gele maan
je staat op de bloedstenen kaai
te kijken naar een uitgedoofde lantaarn die plots flikkert als in Khartoem
op een lichtschip gaat een loods van boord een lichter volgt de prooi
de boot gaat de bocht in de stuurman kijkt tv
deemstering in zijn kombuis de fik zijn breinfornuis
roept in zijn hoorn alle mosselhengsten en garnaalknotsen
te weten dat je moet stranden omdat je van wrakhout bent gemaakt
alle vissticks vissticken in het water falderara visstick
de tuimelaars hebben oorpijn de baljuw van de winter is weg
een vloeibaar gebed niets minder dan zingend ten onder te gaan
op het voorsteven een driepotige hond 't ruwharige snuitje in de wind
Khartoem de hond zoon van Borgo kwam met een ijsschip naar Oostende
zoals de zee Caruso naar 't Kursaal riep en toen het oog van de dag zich sloot
ging hij
defibrillator
als een citroenvlinder met de laatste zonnestraal aan de haal
spermawit licht tussen de wolken de frequentie van walvis tot kraakvis
Khartoem hij beet in de ballen van Stormwekker de machtswellustige tovenaar
likt de stilte van de gestorven eeuwen een drieponder scheepskanon
volgt met de meeuwen drie meisjes achter de lege doodskist van hun vader
streel de straten als een briesje
kleuren afgepeld
was je met zout Khartoem is daar
alle winden rond de bliksemboom de stad als een verlaten vissersdorp
torens van hoogmoed geheugengeur van de kasseien nu het is gaan regenen
een wielrenner zou hier lelijk vallen te kijk op het nieuws de val goed uitgesmeerd
verwaaide straatzeehond 't is
boum
Khartoem wie Khartoem wat Khartoem waar
hij ging liggen bij Jules die gaf niet af zijn honderd kardoezen en krijgsgeweer
Khartoem likt uit een frietzak gratis mayonaise van Gustaaf en Medard braaf
Khartoem Khartoem is braaf
vol van liefde en mayonaise
is dat Khartoem in 1949 Grand Bal met Suzy
hij pikkelt naar de drankslijter
zoem mee met lage stem zoals de zon ondergaat
I was born under a wanderin' star
duik in de tijd
de piano speelt Khartoem de hond
speelt een slotakkoord
Room 33 (on the roop) voor Jef Van Elst
kankeroorlogsdag gomt zichzelf uit
berooide bard
leen mij de luit
rol de loper voor de nachtmajesteit
de uil de maan en het meisje droom weg de hongerige python
ook het Vlaamse kalfje wankel op wiebelpoten slachthuiswaarts
aangevreten
gak gak gak
Turnhout Brussel staat in brand
wij waren twee haartjes op het oor van een nijlpaardenjong
later deden we zelf onze oren flapperen maar lacht u niet
naar zwalkende sneeuwvlokjes als kleine lettertjes
dakloze die zich doodsliep in een overhitte auto
leest een zakenman slaat de krant in de plooi het
wordt koud dan voer ik u mee naar het land van Ben de berg
hoor 't onhoorbare lied bij 't dennenbosstroompje
duizenden manen oud en The Haunted Inn staat nog overeind
in de tijd zoals een moord
de vorige eigenaars de ene schoot
naar zijn broer door de deur broer aan de andere kant schoot terug
dus schrijf u weg tot ook wij zijn uitgewist onder twee meter sneeuw
reiseinde
van heinde en ver checkt men hier in
het regent raven 200 herten burrelen desolaat
gevloerd - Room 33
een beeflichtje betast de vrouw totdat zij zingt
de nacht valt als een spin
sneeuw dwarrelt er middenin
span de touwen mijn lief
hang de touwen in
Verder lezen op in Letterland:
> Peter Holvoet-Hanssen reageert op drie 'Vragen van Neruda'.
Reacties