Verslag BK Slam (1)
- door Xavier Roelens
Op dinsdag 24 april verscheen in Le Soir een artikel over het BK Slam. Een interessante passage klinkt, in vertaling, als volgt: ‘De Brusselaar Poum Tchak, in het echte leven Teddy Guilboud, heeft de wedstrijd gewonnen. Na hem twee Luikenaars, Dominique Massaut en Simon Médard. Het kampioenschap was nochtans tweetalig, met vier Franstaligen en vier Nederlandstaligen. De dichters uit het Noorden hebben minder punten behaald, zonder twijfel omdat ze meer poëzie dan ritme zijn. Peter Kluppels, bijvoorbeeld, heeft getuigd van een mooie schriftuur en een goed gevoel voor humor, maar het klopt dat hij declameerde. Tchak daarentegen bezit een prachtige mimiek, deed de woorden klakken, speelde bij momenten beatbox: hij heeft veel spirit. “Slam is ook ritme,” zegt de kampioen. “In Vlaanderen is de slam dichter bij de poëzie. Aan Franstalige kant is ze dan weer dichter bij hiphop en rap.”’
Enerzijds kan ik mij hierbij aansluiten, in die zin dat de Vlamingen sterkere teksten hadden. Ik heb als organisator op voorhand de gedichten kunnen lezen en als leeservaring vond ik de gedichten van Guy Seret de beste, gevolgd door Peter Kluppels en Dominique Massaut. Anderzijds zijn poëzie en ritme voor mij niet tegengesteld. Ik heb net deze wedstrijd georganiseerd om de visie op poëzie te verbreden: poëzie is meer dan het zo juist/mooi/goed, kortom zo enig mogelijk verwoorden van wat aan verwoording ontsnapt; poëzie is iets anders dan gedichten en iets anders dan gedichten schrijven. Wel geloof ik dat het schrijverschap een beproefde weg is om tot poëzie te komen, maar ik wil niet puristisch de poëzie tot het papier beperken.
Zondag zat voor mij poëzie in het Beurskaffee. Op Seret na heb ik de dichters vroeger al horen voordragen en uit een vergelijking met het verleden besluit ik: alle acht de dichters hebben goede tot uitstekende optredens gegeven en elk raderstukje van de avond viel op zijn plaats.
Los daarvan heeft de beste poëet gewonnen. Poum Tchak is een fenomeen in elke vezel van zijn lichaam, ook als je gewoon met hem praat. Hij heeft een krankjorumverleidelijke uitstraling à la Peter M. van der Linden. Op podium weet hij niet alleen het ritme, maar ook de klankrijkdom van de taal tot het uiterste uit te buiten. Ook Dominique Massaut heeft een bekoorlijke eigenzinnigheid. Hij koppelt taalspel - de in het Frans geliefde homonymie komt vaak voor - aan een uitstekende timing en behaalde verdiend een tweede plaats. Aan mijn persoonlijke podium had ik nog graag Peter Kluppels toegevoegd, die na een meer ingetogen eerste ronde alle duivels ontbond in de tweede ronde.
In een voorbeschouwing op Ramblas sprak de presentator van virtuositeit en daarmee wordt het accent gelegd op de materialiteit van de poëzie, op het taalsysteem. Op dat vlak was het zondag een hoogdag.
Reacties